Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2006

Alinea 56 Hoge Raad 6 oktober 2006

Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX8847.

3.6.2 Voorzover het onderdeel met een beroep op het bepaalde in art. 150 Rv. en het bepaalde in art. 1:141 lid 3 BW klaagt over de verdeling van de bewijslast, mist het onderdeel belang. Het hof heeft aan de hand van het over en weer gestelde geoordeeld dat het verrekenbeding niet de door de vrouw bepleite ruime strekking heeft en het heeft geconstateerd dat de vrouw geen rechtens relevante feiten en omstandigheden heeft gesteld die een ruimere interpretatie van het in de overeenkomst opgenomen inkomensbegrip rechtvaardigen. Bij die stand van zaken behoefde het hof zich niet over de verdeling van de bewijslast uit te laten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6b2f4726179698c6b6cf1cd2a859df0109744747c77b31657d462f916a58162. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6b2f4726179698c6b6cf1cd2a859df0109744747c77b31657d462f916a58162, en de alinea staat in dat document op bytes 22022 tot 22666.