Citaat | Hoge Raad 14 november 2006

Alinea 36 Hoge Raad 14 november 2006

Een alinea uit Hoge Raad 14 november 2006, ECLI:NL:HR:2006:AY0127.

2. de aannemelijkheid van de werkelijke feitelijke rolverdeling, en van de gebrekkige wijze waarop cliënt inzicht werd gegeven in de juistheid van de administratieve verantwoording (waarbij vooral werd gewezen op de schriftelijke verklaring van [betrokkene 3], een nichtje van [betrokkene 2] dat bovendien haar baan aan hem te danken had, maar die - na een groot loyaliteitsconflict - heeft verklaard omtrent de werkelijke verhoudingen en de wijze waarop cliënt, ook door leugens, onwetend werd gehouden van administratieve tekortkomingen, alsmede op de verklaring van [betrokkene 4], fiscaal jurist [resp. pleitnota eerste aanleg, d.d. 4 januari 2002, p. 9/10 onder 26., en p. 9 onder 25.);

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eaf5bbc3d7dab9ea9fee0783107c6a1e9234153c6b6c24192c1d2ad076646847. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eaf5bbc3d7dab9ea9fee0783107c6a1e9234153c6b6c24192c1d2ad076646847, en de alinea staat in dat document op bytes 12481 tot 13187.