Citaat | Hoge Raad 14 november 2006

Alinea 37 Hoge Raad 14 november 2006

Een alinea uit Hoge Raad 14 november 2006, ECLI:NL:HR:2006:AY0127.

3. de aannemelijkheid van de stelling dat cliënt wilde voldoen aan zijn verplichtingen, hetgeen tot uitdrukking komt in (het vertrouwen in) de substantiële stortingen van grote percentages (tot 40% of meer) door de inleners, rechtstreeks op G-rekeningen dan wel rekeningen van de BD, en in zijn latere eigen initiatief om zorg te dragen dat door de BD onder opdrachtgevers inbeslaggenomen, maar verder ongemoeid gelaten gelden, daadwerkelijk bij de BD terechtkwamen (cliënt heeft vooral grote moeite om uit de voeten te kunnen met de aantijging dat hij zich, als ware hij een dief, illegaal zou hebben willen verrijken);

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eaf5bbc3d7dab9ea9fee0783107c6a1e9234153c6b6c24192c1d2ad076646847. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eaf5bbc3d7dab9ea9fee0783107c6a1e9234153c6b6c24192c1d2ad076646847, en de alinea staat in dat document op bytes 13195 tot 13831.