Citaat | Hoge Raad 10 november 2006

Alinea 57 Hoge Raad 10 november 2006

Een alinea uit Hoge Raad 10 november 2006, ECLI:NL:HR:2006:AY4033.

3.2 In dit geding heeft de rechtsstrijd in hoger beroep zich toegespitst op beantwoording van de vraag of over het geschil tussen partijen geoordeeld dient te worden door de overheidsrechter, dan wel door mr. De Leeuw. Het gerecht in eerste aanleg heeft zichzelf bevoegd geacht over het geschil te oordelen, maar het Gemeenschappelijk Hof heeft de door het gerecht gewezen vonnissen vernietigd en verstaan dat de Nederlands-Antilliaanse rechter onbevoegd is om van de vordering van [eisers] kennis te nemen. In de kern heeft het Hof daartoe overwogen dat de intentieovereenkomst, naar redelijkheid uitgelegd met inachtneming van de Haviltexformule, meebrengt dat de geschillen tussen [eisers] enerzijds en [verweerder] anderzijds aan arbitrage zijn onderworpen en dat dit ook het geval is ten aanzien van Groenselect, nu haar materieel- en procesrechtelijke positie zozeer verweven is met die van [eisers], dat de uitspraak van de Nederlands-Antilliaanse rechter in redelijkheid ook ten aanzien van Groenselect dient te gelden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccbee4f84c3bc8091057aea570a8df395dd7f36d5bf1d7feb065e22deac00659. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccbee4f84c3bc8091057aea570a8df395dd7f36d5bf1d7feb065e22deac00659, en de alinea staat in dat document op bytes 13233 tot 14273.