Citaat | Hoge Raad 24 november 2006
Alinea 40 Hoge Raad 24 november 2006
Een alinea uit Hoge Raad 24 november 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ0421.
3.4 Anders dan het middel betoogt, staan de bewoordingen van art. 3:310 lid 2 BW aan deze restrictieve uitleg niet in de weg. Daarin is immers bepaald dat de hier bedoelde bijzondere verjaringstermijn een aanvang neemt na de gebeurtenis waardoor de schade is veroorzaakt. Gelezen in verband met het derde lid, waarin onder gebeurtenis wordt verstaan "een plotseling optredend feit, een voortdurend feit of een opvolging van feiten", duidt dit erop dat de verlenging van de verjaringstermijn voor de daarin bedoelde gevallen alleen betrekking heeft op de vordering tot verhaal van schade op degene die aansprakelijk is voor de "gebeurtenis" en die dus de veroorzaker van de schade is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3192cf901c01411cf7948ee3aaf5a4054120c043e8dd385fda91930ffd353206. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3192cf901c01411cf7948ee3aaf5a4054120c043e8dd385fda91930ffd353206, en de alinea staat in dat document op bytes 12007 tot 12704.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3192cf901c01411cf7948ee3aaf5a4054120c043e8dd385fda91930ffd353206 | shasum -a 256