Citaat | Hoge Raad 6 april 2007
Alinea 30 Hoge Raad 6 april 2007
Een alinea uit Hoge Raad 6 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AX0771.
3.8. Het Hof is niet toegekomen aan belanghebbendes beroep op het besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 19 augustus 2002, nr. CPP2002/1372M (V-N 2002/42.25). Dat beroep faalt evenwel, omdat dat besluit slechts ziet op het geval dat de langstlevende echtgenoot jegens de kinderen een "moreel woonrecht" kan laten gelden. Nu in het onderhavige geval aan de kinderen niet (een aandeel in) de eigen woning is toebedeeld, berust het "woonrecht" van de echtgenote van de erflater echter niet op de nakoming door de kinderen van een door hen gevoelde morele verplichting haar het gebruik van de woning te laten, maar daarop dat zijzelf de volle eigendom van de woning heeft verworven. Op grond van dit verschil heeft de Staatssecretaris zonder schending van het gelijkheidsbeginsel kunnen besluiten (zoals hij heeft gedaan blijkens het gestelde in voorwaarde 4 van de goedkeuring (§ 3 van het besluit)) om de goedkeuring niet mede te laten gelden voor gevallen als het onderhavige, waarin sprake is van een testamentaire ouderlijke boedelverdeling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a1803a28ff79b33e7398aee0f20b507424c3ede350250be628c8c0130f786680. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a1803a28ff79b33e7398aee0f20b507424c3ede350250be628c8c0130f786680, en de alinea staat in dat document op bytes 10260 tot 11328.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a1803a28ff79b33e7398aee0f20b507424c3ede350250be628c8c0130f786680 | shasum -a 256