Citaat | Hoge Raad 13 juli 2007

Alinea 54 Hoge Raad 13 juli 2007

Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:AX6369.

4.2.6. Indien deze opvatting niet wordt aanvaard, rijst de vraag welke andere voorziening het gemeenschapsrecht inhoudt in geval van een samenloop als hiervoor in 4.2.2 bedoeld, indien de Commissie een tot een lidstaat gerichte beschikking heeft gegeven waarbij wordt vastgesteld dat in een bepaald geval kwijtschelding van douanerechten overeenkomstig artikel 239 van het CDW niet gerechtvaardigd is, terwijl deze beschikking is gebaseerd op een beoordeling die wat betreft de gegevens, feitelijk of rechtens, welke bepalend zijn voor (ook) de rechtsgrondslag voor een navordering, afwijkt van de door de nationale rechter in datzelfde geval verrichte beoordeling op grond waarvan deze aan de douaneautoriteit de bevoegdheid tot navordering ontzegt. In de arresten van het Hof van Justitie van 24 september 1998, Sportgoods A/S, C-413/96, Jurispr. blz. I-5285, en van 19 oktober 2000, Hans Sommer GmbH KG, C-15/99, Jurispr. blz. I-08989, is deze vraag niet beantwoord, nu in de gevallen waarop die arresten betrekking hebben, door het Hof van Justitie geen tegenstrijdigheid aanwezig werd bevonden tussen de beoordeling door de Commissie in de kwijtscheldingsprocedure en de beoordeling van de rechtsgrondslag voor de navordering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da7ac1faec45b70fdf0dcda46568776deba67329767c33978e1ba1d782e18d55. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da7ac1faec45b70fdf0dcda46568776deba67329767c33978e1ba1d782e18d55, en de alinea staat in dat document op bytes 22064 tot 23308.