Citaat | Hoge Raad 23 november 2007

Alinea 26 Hoge Raad 23 november 2007

Een alinea uit Hoge Raad 23 november 2007, ECLI:NL:HR:2007:AY8549.

3.3.1. Het Hof is tot de slotsom gekomen dat de naheffingsaanslagen ten onrechte zijn opgelegd, en heeft daartoe, voor zover in cassatie van belang, het volgende geoordeeld. Niet is gebleken dat het voornemen van de Inspecteur aan belanghebbende aangiftebiljetten vennootschapsbelasting uit te reiken ter zake van de door hem als een vaste inrichting - in de zin artikel 15, lid 2, letter c, in verbinding met artikel 5 van het Verdrag - in Nederland aangemerkte uitzendwerkzaamheden van belanghebbende, ten uitvoer is gebracht of nog kan worden gebracht. Daarmee staat, aldus het Hof, vast dat de beloning van de buitenlandse werknemers die korter dan 183 dagen in Nederland werkzaam waren, feitelijk niet ten laste is gekomen van een vaste inrichting in vorenbedoelde zin, die belanghebbende, in de visie van de Inspecteur, in Nederland had. Tegen dit laatste oordeel keert zich middel 2.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5b329cbcd105347f0b08edefcd181f1fb2de8963ec2ebce20d658d0bd8525ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5b329cbcd105347f0b08edefcd181f1fb2de8963ec2ebce20d658d0bd8525ef, en de alinea staat in dat document op bytes 12196 tot 13099.