Citaat | Hoge Raad 20 maart 2007

Alinea 36 Hoge Raad 20 maart 2007

Een alinea uit Hoge Raad 20 maart 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ4756.

Na gehouden beraad deelt de voorzitter als beslissing van het hof mede dat het hof de zaak niet zal aanhouden voor instructie op de punten waarop dat verlangd wordt. Die wens van verdachte was er al bij de behandeling van de zaak in eerste aanleg waar verdachte aanwezig was en de wens om daaromtrent getuigen te laten horen heeft verdachte toen ook al uitgesproken. Op 28 februari 2005 heeft verdachte meteen na het instellen van het hoger beroep, de dagvaarding voor de zitting van het hof van heden, in persoon in ontvangst genomen en hij heeft daarna voldoende tijd gehad contact op te nemen met zijn raadsman hetgeen hij heeft verzuimd. Hij heeft evenmin gebruik gemaakt van de mogelijkheid om zelf tijdig aan te geven dat hij bij zijn verlangen -dat getuigen gehoord zouden moeten worden- bleef. Het hof ziet geen strijd met het EVRM en zal de behandeling voortzetten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8bdbe7dfff7b1deddeac6eec3458355b4c8e614de110c067bf125e2b73011937. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8bdbe7dfff7b1deddeac6eec3458355b4c8e614de110c067bf125e2b73011937, en de alinea staat in dat document op bytes 14682 tot 15569.