Citaat | Hoge Raad 10 april 2007

Alinea 28 Hoge Raad 10 april 2007

Een alinea uit Hoge Raad 10 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ5713.

Ik ben met de bus naar de flat van [medeverdachte 4] gereden. Daar was nog een personenauto, volgens mij van het merk Rover. Deze auto was van [medeverdachte 5]. In de auto zaten mensen. Zeker waren [medeverdachte 5], [medeverdachte 4] en de twee Zuid-Amerikanen aanwezig. Als eerste heb ik [medeverdachte 2] bij zijn woning opgehaald. [Medeverdachte 2] zat in de personenauto en wees de weg. Ik reed achter de personenauto aan in de bus.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd3ecd61ebd2fa51f41cb11f0b97b9feac475089a853a7daa35e87ca4cd6022c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd3ecd61ebd2fa51f41cb11f0b97b9feac475089a853a7daa35e87ca4cd6022c, en de alinea staat in dat document op bytes 8417 tot 8869.