Citaat | Hoge Raad 10 april 2007
Alinea 67 Hoge Raad 10 april 2007
Een alinea uit Hoge Raad 10 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ5713.
"Op 13 november 1998, toen ik op het vliegveld (Schiphol International Airport) werkzaam was, kwam een man genaamd [verdachte] (het hof begrijpt: [verdachte], de verdachte) genaamd naar me toe en vroeg me naar de bagage van zijn vriend [medeverdachte 1], die vanuit Venezuela via Amsterdam naar Londen reisde. Deze bagage was vermist of kwijt geraakt. [Verdachte] vertelde me dat [medeverdachte 1] mijn hulp nodig had om de bagage te traceren. Ik verwees hem naar [slachtoffer 1].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd3ecd61ebd2fa51f41cb11f0b97b9feac475089a853a7daa35e87ca4cd6022c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd3ecd61ebd2fa51f41cb11f0b97b9feac475089a853a7daa35e87ca4cd6022c, en de alinea staat in dat document op bytes 19086 tot 19580.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bd3ecd61ebd2fa51f41cb11f0b97b9feac475089a853a7daa35e87ca4cd6022c | shasum -a 256