Citaat | Hoge Raad 10 april 2007
Alinea 68 Hoge Raad 10 april 2007
Een alinea uit Hoge Raad 10 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ5713.
Op 14 november 1998 zijn [medeverdachte 1] de eigenaar van de bagage, en een andere Venezolaan naar me toegekomen om te vragen of hun bagage al was gevonden. Zij zeiden me dat ik [slachtoffer 1] en zijn vrienden moest bellen. Ik heb dat gedaan en [slachtoffer 1] zei me dat ze er nog steeds naar zochten. Op 18 november 1998 zijn deze mensen naar me toegekomen en drongen er op aan dat ze [slachtoffer 1] en diens collega's wilden ontmoeten. Ze kwamen in een Toyota Hiace minibus. Ze dwongen me in de auto te stappen en zijn weggereden. [Slachtoffer 1] kwam. Toen hebben ze [slachtoffer 1] gedwongen ons naar het huis van [slachtoffer 2] (het hof begrijpt: [slachtoffer 2]) te brengen. Hij werd ook de auto (het hof begrijpt de bestelauto ofwel -bus) in gedwongen die met ons is weggereden."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd3ecd61ebd2fa51f41cb11f0b97b9feac475089a853a7daa35e87ca4cd6022c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd3ecd61ebd2fa51f41cb11f0b97b9feac475089a853a7daa35e87ca4cd6022c, en de alinea staat in dat document op bytes 19588 tot 20392.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bd3ecd61ebd2fa51f41cb11f0b97b9feac475089a853a7daa35e87ca4cd6022c | shasum -a 256