Citaat | Hoge Raad 19 januari 2007

Alinea 69 Hoge Raad 19 januari 2007

Een alinea uit Hoge Raad 19 januari 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ6541.

Voorzover in dit verband van belang hield, zoals hiervoor in 3.2.2 al is aangestipt, het verweer van [verweerster] onder meer in, kort gezegd, dat de proceskansen van [eiseressen] in een op dwaling gebaseerde procedure tot vernietiging van de bankgarantieovereenkomst, nihil zouden zijn geweest. Dit verweer heeft de strekking dat er geen causaal verband bestond tussen de [verweerster] verweten beroepsfout (zie hiervoor in 3.2.1) en de eventuele schade van [eiseressen], zodat [verweerster] niet aansprakelijk kon worden gehouden voor die schade. In deze zin heeft de rechtbank dit verweer klaarblijkelijk ook opgevat, nu zij de vraag of aan [verweerster] een beroepsfout kan worden verweten uitdrukkelijk in het midden heeft gelaten (zie hiervoor in 3.3.1). De grieven van [eiseressen] richtten zich tegen hetgeen de rechtbank aangaande dat verweer heeft overwogen en beslist, zodat wat het hof met betrekking tot die grieven overweegt ook in dat kader moet worden beschouwd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/600314c96f2ec36ec8c28f8398cd8d071fc260b81a3b7af77bcde246eea45209. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 600314c96f2ec36ec8c28f8398cd8d071fc260b81a3b7af77bcde246eea45209, en de alinea staat in dat document op bytes 18957 tot 19948.