Citaat | Hoge Raad 4 mei 2007
Alinea 40 Hoge Raad 4 mei 2007
Een alinea uit Hoge Raad 4 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ7621.
3.3 Het hof heeft geoordeeld dat voor verrekening van niet uitgekeerde winsten van de B.V. geen plaats is omdat, nu de man slechts eenderde deel van de certificaten houdt en een dienovereenkomstig aandeel in de besluitvorming van het bestuur van de Stichting heeft, niet is voldaan aan het vereiste dat de man overwegende zeggenschap heeft over het uitkeren van winsten van een niet op zijn naam uitgeoefende onderneming. Dat dit in de praktijk anders zou zijn is naar het oordeel van het hof tegenover de betwisting van de man door de vrouw onvoldoende onderbouwd en ook overigens niet aannemelijk gemaakt (rov. 4.8). Weliswaar had de man als certificaathouder aan het driehoofdig bestuur, waarvan hij deel uitmaakt, kunnen verzoeken tot winstuitkering over te gaan en had hij bij weigering van dat verzoek zich terzake kunnen wenden tot de rechter om alsnog uitbetaling van dividend af te dwingen, doch zulks neemt niet weg dat aldus geen sprake is van overwegende zeggenschap als bedoeld in art. 1:141 lid 4 BW, aldus het hof (rov. 4.9).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/75059eefe003a41975e3e4e317e5875fbe4724298c2c256117fb32b9d39e4924. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 75059eefe003a41975e3e4e317e5875fbe4724298c2c256117fb32b9d39e4924, en de alinea staat in dat document op bytes 10263 tot 11316.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/75059eefe003a41975e3e4e317e5875fbe4724298c2c256117fb32b9d39e4924 | shasum -a 256