Citaat | Hoge Raad 8 juni 2007

Alinea 63 Hoge Raad 8 juni 2007

Een alinea uit Hoge Raad 8 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ7771.

Uitgaande van dit laatste - dat de onder c gestelde omstandigheid tussen partijen in confesso is - klaagt onderdeel 2 dat het hof met zijn oordeel dat STT haar verweer dat de telefooncentrale kon blijven functioneren ook indien alle werknemers aan de stakingsoproep gehoor zouden geven, niet feitelijk heeft onderbouwd en ook niet zo evident juist is dat die onderbouwing achterwege had kunnen blijven, heeft miskend dat het gebonden was aan de feiten en feitelijke verweren die tussen partijen in confesso zijn. Mocht het hof dit niet hebben miskend, dan is dat oordeel in het licht van de genoemde omstandigheid onbegrijpelijk, aldus het onderdeel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c04553bd9d496e9bf8996c8db30f7d32c7d5b95eaaebd6ed0ddf6b9872273b0d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c04553bd9d496e9bf8996c8db30f7d32c7d5b95eaaebd6ed0ddf6b9872273b0d, en de alinea staat in dat document op bytes 15544 tot 16208.