Citaat | Hoge Raad 13 april 2007
Alinea 60 Hoge Raad 13 april 2007
Een alinea uit Hoge Raad 13 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ8521.
3.3.8 Onderdeel 9 kan bij gebrek aan feitelijke grondslag niet tot cassatie leiden voorzover het klaagt dat het hof heeft geoordeeld dat de vertraging in de afgifte van het legaat uitsluitend of hoofdzakelijk is toe te schrijven aan een verwijtbare of onredelijke opstelling van [eiseres]. Het hof heeft dit immers niet geoordeeld. In het verlengde hiervan faalt ook de klacht dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het van oordeel is dat de opstelling van [eiseres] zodanig laakbaar is dat daardoor het door [verweerders] gedane beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid gegrond moet worden geacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4653eb7abba782daf3b2a6dc26e7c3a4e80f498dde24fa3d2745d0c2cb281c1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4653eb7abba782daf3b2a6dc26e7c3a4e80f498dde24fa3d2745d0c2cb281c1a, en de alinea staat in dat document op bytes 19180 tot 19828.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4653eb7abba782daf3b2a6dc26e7c3a4e80f498dde24fa3d2745d0c2cb281c1a | shasum -a 256