Citaat | Hoge Raad 2 maart 2007
Alinea 16 Hoge Raad 2 maart 2007
Een alinea uit Hoge Raad 2 maart 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ9673.
3.2. Bij de beoordeling van het tegen dit oordeel gerichte middel moet worden vooropgesteld dat artikel 26 IVBPR en artikel 14 EVRM in verbinding met artikel 1 van het Eerste Protocol bij dat verdrag niet iedere ongelijke behandeling van gelijke gevallen verbieden, doch alleen die welke als discriminatie moet worden beschouwd omdat een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor de ongelijke behandeling ontbreekt. Daarbij verdient opmerking dat op fiscaal gebied aan de wetgever een ruime beoordelingsvrijheid toekomt bij het beantwoorden van de vraag of gevallen voor de toepassing van de bedoelde verdragsbepalingen als gelijk moeten worden beschouwd, en in het bevestigende geval, of een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat om die gevallen niettemin in verschillende zin te regelen. Daarbij dient het oordeel van de wetgever te worden geëerbiedigd tenzij dat van redelijke grond ontbloot is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72c8fbb7fc5f3484be0cc0d6852ae50bdaecf8289cd5ddd704a6a35ff26225d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72c8fbb7fc5f3484be0cc0d6852ae50bdaecf8289cd5ddd704a6a35ff26225d5, en de alinea staat in dat document op bytes 6209 tot 7135.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/72c8fbb7fc5f3484be0cc0d6852ae50bdaecf8289cd5ddd704a6a35ff26225d5 | shasum -a 256