Citaat | Hoge Raad 16 maart 2007
Alinea 47 Hoge Raad 16 maart 2007
Een alinea uit Hoge Raad 16 maart 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0731.
Aldus is in deze zaak sprake van een tussenarrest. Nu de incidentele vordering geen voorlopige voorziening als bedoeld in het eerste lid van art. 401a Rv. betrof en het hof niet heeft bepaald dat tegen zijn tussenarrest cassatieberoep kon worden ingesteld, brengt het tweede lid van genoemd artikel mee dat voor de erven [achternaam eisers ] geen tussentijds cassatieberoep van dat arrest openstond, zodat zij daarin niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/130ff315f63a5e23c949f196864def812f9ccf2e0750ccf337d9adc2201addac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 130ff315f63a5e23c949f196864def812f9ccf2e0750ccf337d9adc2201addac, en de alinea staat in dat document op bytes 11378 tot 11853.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/130ff315f63a5e23c949f196864def812f9ccf2e0750ccf337d9adc2201addac | shasum -a 256