Citaat | Hoge Raad 25 mei 2007
Alinea 40 Hoge Raad 25 mei 2007
Een alinea uit Hoge Raad 25 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0902.
3.2.2 In het door de man ingestelde hoger beroep betoogde hij dat hij wèl voldoende had aangetoond dat hij zijn onderneming per 31 december 2001 had beëindigd, althans daaruit geen inkomsten meer genoot. In verband hiermee heeft het hof bij tussenbeschikking van 31 januari 2006 de man opdracht gegeven onder meer bepaalde jaarstukken en fiscale stukken met betrekking tot (de beëindiging van) zijn onderneming over te leggen. Bij eindbeschikking van 14 juni 2006 heeft het hof geoordeeld dat de man aan de hand van de door hem in het geding gebrachte overzichten voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake was van grote financiële problemen en psychische problematiek van de man ten gevolge waarvan hij de onderneming heeft gestaakt (rov. 8.2.2). Het hof heeft daarop de draagkracht van de man in de periode van 1 oktober 2001 tot 17 juli 2003 bepaald en de in 2000 bepaalde kinderalimentatie gehandhaafd voor de periode van 1 oktober 2001 tot en met 31 december 2001, maar voor de periode van 1 januari 2002 tot 17 juli 2003 de alimentatie op lagere bedragen bepaald (rov. 8.5).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd2dd4986c42615e3fd4649d9a6119dd205767378e9032755e43871fe06ff74b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd2dd4986c42615e3fd4649d9a6119dd205767378e9032755e43871fe06ff74b, en de alinea staat in dat document op bytes 10835 tot 11939.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd2dd4986c42615e3fd4649d9a6119dd205767378e9032755e43871fe06ff74b | shasum -a 256