Citaat | Hoge Raad 4 september 2007

Alinea 23 Hoge Raad 4 september 2007

Een alinea uit Hoge Raad 4 september 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA2162.

In raadkamer heeft de officier van justitie aangegeven dat normaliter honden die "bloed hebben geproefd" worden afgespoten omdat zij na een dergelijk voorval niet meer zijn te vertrouwen. In casu zijn de 2 Siberische Husky's in leven gelaten en in een speciale Husky-kennel geplaatst. Klaagster en beslagene hebben ten overstaan van een opsporingsambtenaar afstand van de twee Siberische Husky's gedaan. Deze handelwijze is volgens de officier van justitie te beschouwen als waren de 2 Siberische Husky's onttrokken aan het verkeer als bedoeld in artikel 116, lid 2, aanhef en onder c, van het Wetboek van Strafvordering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef49970d7f13d728e119896c2cc35046da7c781241d54b674d909c8577ee5742. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef49970d7f13d728e119896c2cc35046da7c781241d54b674d909c8577ee5742, en de alinea staat in dat document op bytes 7662 tot 8296.