Citaat | Hoge Raad 13 april 2007
Alinea 21 Hoge Raad 13 april 2007
Een alinea uit Hoge Raad 13 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA2803.
Voor zover dit betoog berust op de opvatting dat hetgeen partijen bij een overeenkomst op schrift gesteld hebben, wordt vermoed hun werkelijke bedoeling weer te geven, faalt het omdat die opvatting onjuist is. Het betoog faalt ook voor het overige, omdat het zich keert tegen de aan het Hof voorbehouden waardering van de bewijsmiddelen, die niet onbegrijpelijk is, en evenmin onvoldoende gemotiveerd. Het Hof vermeldt immers dat het aanwijzingen ziet dat het oogmerk van de bij de akte van oprichting van E CV betrokken partijen juist niet erop gericht was om in actieve samenwerking in het economische verkeer door middel van hun inbreng voordeel te behalen en dat met elkaar te delen, en dat uit de stellingen van belanghebbende het tegendeel niet volgt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e044682280f4a99ffb570944e8425ed4eea75e2025c429761a8a703a9361d420. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e044682280f4a99ffb570944e8425ed4eea75e2025c429761a8a703a9361d420, en de alinea staat in dat document op bytes 7998 tot 8768.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e044682280f4a99ffb570944e8425ed4eea75e2025c429761a8a703a9361d420 | shasum -a 256