Citaat | Hoge Raad 13 april 2007
Alinea 25 Hoge Raad 13 april 2007
Een alinea uit Hoge Raad 13 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA2803.
Vervolgens heeft het Hof, bij de beoordeling van belanghebbendes beroep op het vertrouwensbeginsel, geoordeeld dat belanghebbende redelijkerwijze had moeten begrijpen dat de toezeggingen van de Inspecteur uitsluitend betrekking hadden op de situatie waarin de op te richten commanditaire vennootschap aan het maatschapscriterium zou blijken te voldoen. Aangezien daaraan niet was voldaan (het Hof verwijst daarbij naar de door hem uitgevoerde materiële toetsing), heeft belanghebbende niet gerechtvaardigd mogen vertrouwen dat de vrijstelling zou worden verleend, aldus nog steeds het Hof (in onderdeel 5.5).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e044682280f4a99ffb570944e8425ed4eea75e2025c429761a8a703a9361d420. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e044682280f4a99ffb570944e8425ed4eea75e2025c429761a8a703a9361d420, en de alinea staat in dat document op bytes 9632 tot 10254.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e044682280f4a99ffb570944e8425ed4eea75e2025c429761a8a703a9361d420 | shasum -a 256