Citaat | Hoge Raad 13 juli 2007
Alinea 145 Hoge Raad 13 juli 2007
Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3161.
3.7.1 Onderdeel III bestrijdt rov. 4.3 van het arrest en klaagt dat onbegrijpelijk is het oordeel van het hof dat de rechter-commissaris blijkens het proces-verbaal van de door hem tegenover de rechtbank Amsterdam in de strafzaak afgelegde verklaring, zijn beslissing tot opening van het gerechtelijk vooronderzoek heeft gebaseerd op het proces-verbaal van de FIOD nr. AH/05 betreffende de verdenking met betrekking tot het systeem van coderekeningen, zodat het causaal verband tussen het onjuist informeren door het openbaar ministerie van de rechter-commissaris en de door [eiseres] geleden schade ontbreekt. Het onderdeel faalt omdat in het licht van de door [eiseres] in eerste aanleg als prod. 37 bij dagvaarding overgelegde verklaring van de rechter-commissaris, zoals geciteerd in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 7.5, het aangevallen oordeel alleszins begrijpelijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/393ada4eeecddf1a84d6e808084d88af05c89e46b3ebfa67c77f6f43276bc1c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 393ada4eeecddf1a84d6e808084d88af05c89e46b3ebfa67c77f6f43276bc1c5, en de alinea staat in dat document op bytes 53186 tot 54086.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/393ada4eeecddf1a84d6e808084d88af05c89e46b3ebfa67c77f6f43276bc1c5 | shasum -a 256