Citaat | Hoge Raad 13 juli 2007
Alinea 98 Hoge Raad 13 juli 2007
Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3161.
3.5.4 In het licht van een en ander getuigt het in rov. 7.4 van het bestreden arrest besloten liggende oordeel van het hof dat met de persberichten van 24 en 25 oktober 1997 (zie hiervoor 3.1.(v) en (vi)) art. 6 lid 2 EVRM niet is geschonden, van een onjuiste rechtsopvatting, nu beide persberichten wat betreft de inhoud van de informatie en hun toonzetting niet voldoen aan de terughoudendheid en zakelijkheid in de berichtgeving die in het licht van die bepaling - mede gelet op de uitwerking daarvan in de Richtlijnen van 1992 - onder de gegeven omstandigheden van het openbaar ministerie werden gevergd. Dit geldt in het bijzonder:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/393ada4eeecddf1a84d6e808084d88af05c89e46b3ebfa67c77f6f43276bc1c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 393ada4eeecddf1a84d6e808084d88af05c89e46b3ebfa67c77f6f43276bc1c5, en de alinea staat in dat document op bytes 32108 tot 32757.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/393ada4eeecddf1a84d6e808084d88af05c89e46b3ebfa67c77f6f43276bc1c5 | shasum -a 256