Citaat | Hoge Raad 29 juni 2007

Alinea 51 Hoge Raad 29 juni 2007

Een alinea uit Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3516.

3.4 In zijn eindarrest heeft het hof overwogen (eerste rov. 2.5) dat het "niet ervan overtuigd is dat de arbiters wisten dat de met de prod. 24 en 44 gepresenteerde cijfers door de wijze van samenstelling (mogelijk) behept waren met aanzienlijke gebreken wat betreft de representativiteit van die cijfers voor de periode dat de [installatie] in gebruik was". Naar het oordeel van het hof volgde hieruit dat Milieutech het haar opgedragen bewijs niet ten volle heeft geleverd (tweede rov. 2.5) en dat het de Waterschappen vrijstond de vonnissen van de arbiters aan te vallen door middel van rekest-civiel en andere procedures die de ongunstige gevolgen ervan voor de Waterschappen konden wegnemen (rov. 2.6), waarna het hof ook de overige door Milieutech hierover ingenomen stellingen heeft verworpen (rov. 2.6-2.9).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/044edfe39c9f7eed71165ae873208021303fd964787b4c193c2f22b86fa5fb9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 044edfe39c9f7eed71165ae873208021303fd964787b4c193c2f22b86fa5fb9e, en de alinea staat in dat document op bytes 16785 tot 17614.