Citaat | Hoge Raad 29 juni 2007
Alinea 69 Hoge Raad 29 juni 2007
Een alinea uit Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3516.
4.6 De gedingstukken laten, zoals uit het vorenoverwogene volgt, geen andere conclusie toe dan dat de Waterschappen in de tweede herroepingsprocedure een vordering hebben ingesteld waarvan niet kan worden aangenomen dat deze op voorhand geheel kansloos was. De daaraan ten grondslag liggende feiten en conclusies zijn ontleend aan een beargumenteerd en gedocumenteerd rapport, dat is gebaseerd op een professioneel uitgevoerd onderzoek van gegevens waarover de Waterschappen niet eerder hebben kunnen beschikken en welke gegevens aanleiding konden geven de juistheid van wat in de arbitrageprocedure door Milieutech hieromtrent naar voren was gebracht, in twijfel te trekken. In de gedingstukken hebben de Waterschappen ruimschoots toegelicht waarom zij van mening zijn dat Milieutech zich van deze onjuistheid bewust moet zijn geweest en op grond waarvan van misleiding sprake is geweest. In dit verband verdient in het bijzonder nog opmerking dat, zoals het hof in rov. 3.2 van zijn eindarrest heeft overwogen, aan STVM de meetgegevens, waaruit de onjuistheid van de door Milieutech ingenomen stelling zou kunnen volgen, steeds ter beschikking hebben gestaan; de Waterschappen hebben dit vaststaande feit als belangrijke aanwijzing gebruikt ter adstructie van hun stelling dat dan ook Milieutech daarvan op de hoogte moet zijn geweest.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/044edfe39c9f7eed71165ae873208021303fd964787b4c193c2f22b86fa5fb9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 044edfe39c9f7eed71165ae873208021303fd964787b4c193c2f22b86fa5fb9e, en de alinea staat in dat document op bytes 27451 tot 28802.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/044edfe39c9f7eed71165ae873208021303fd964787b4c193c2f22b86fa5fb9e | shasum -a 256