Citaat | Hoge Raad 8 juni 2007

Alinea 39 Hoge Raad 8 juni 2007

Een alinea uit Hoge Raad 8 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3535.

3.3.2 Dit betoog is onjuist. Ingevolge art. 30 heeft een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling van de betrokkene in het psychiatrisch ziekenhuis waarin deze verblijft, een geldigheidsduur van drie weken na haar dagtekening. Bij de uitleg hiervan moet worden aangesloten bij hetgeen onder deze zinsnede elders in de wet wordt verstaan (bijv. art. 10 lid 4 bij de voorlopige machtiging; art. 14c lid 1 bij de voorwaardelijke machtiging en art. 17 lid 3 bij de machtiging tot voortgezet verblijf). Evenals ten aanzien van die bepalingen het geval is, moet "na haar dagtekening" in art. 30 zo worden verstaan, dat een machtiging weliswaar terstond na de uitspraak van de rechter van kracht wordt, en dus voor tenuitvoerlegging vatbaar, maar dat voor de berekening van de einddatum van de machtiging de dag waarop de beschikking is gedagtekend niet wordt meegeteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97eedb10f62f208b864f46dc50c895d7af3f874101882615b881f4d2ada0bc94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97eedb10f62f208b864f46dc50c895d7af3f874101882615b881f4d2ada0bc94, en de alinea staat in dat document op bytes 11132 tot 12021.