Citaat | Hoge Raad 26 juni 2007
Alinea 18 Hoge Raad 26 juni 2007
Een alinea uit Hoge Raad 26 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3631.
(i) Een akte van uitreiking - gehecht aan het dubbel van de dagvaarding van de verdachte om te verschijnen op de terechtzitting van de Politierechter van 27 november 1995 - houdt in dat die dagvaarding op 8 november 1995, is aangeboden op het adres "[a-straat 1] [woonplaats]", maar aldaar niet is uitgereikt omdat "op het door mij ingevulde adres niemand werd aangetroffen". Ter plaatse is een bericht van aankomst achtergelaten, waarin is vermeld dat de brief binnen een in dat bericht gestelde termijn kan worden afgehaald op het daarin genoemde postkantoor of politiebureau. De akte houdt verder in dat de brief op 15 november 1995 is teruggezonden naar de afzender. De dagvaarding is op 21 november 1995 uitgereikt aan de griffier van de Rechtbank te Amsterdam en op diezelfde datum verzonden 'aan het aan de ommezijde vermelde adres van de geadresseerde, te weten [a-straat 2] te [woonplaats]'.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/648abc70cfef38612fae3a0cf29cd365e19e159cee31ffba393767bedc2c5856. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 648abc70cfef38612fae3a0cf29cd365e19e159cee31ffba393767bedc2c5856, en de alinea staat in dat document op bytes 6388 tot 7301.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/648abc70cfef38612fae3a0cf29cd365e19e159cee31ffba393767bedc2c5856 | shasum -a 256