Citaat | Hoge Raad 14 september 2007
Alinea 88 Hoge Raad 14 september 2007
Een alinea uit Hoge Raad 14 september 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA4888.
4.1 Onderdeel 1 van het middel klaagt dat de ondernemingskamer door in zijn eerste voorziening de drie door haar benoemde commissarissen van Versatel bij uitsluiting bevoegd te verklaren Versatel te vertegenwoordigen, is afgeweken van het voorschrift van art. 2:146 BW dat in de gevallen waarin de vennootschap een tegenstrijdig belang heeft met een of meer bestuurders, de vennootschap in beginsel vertegenwoordigd wordt door commissarissen, maar dat de algemene vergadering steeds bevoegd is een of meer andere personen dan de commissarissen daartoe aan te wijzen. De ondernemingskamer heeft, door te bepalen dat de door haar benoemde commissarissen bij uitsluiting van anderen bevoegd zijn, miskend dat zij bij het treffen van onmiddellijke voorzieningen op grond van art. 2:349a BW niet mag afwijken van voorschriften van dwingend recht, zoals art. 2:146 BW, en dat de hier bedoelde bevoegdheid toekomt aan de raad van commissarissen als geheel, aldus het onderdeel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c73623d2c877ebf969e10e7b6f6df3587d66380c1eb6d03c650db366cc2b41c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c73623d2c877ebf969e10e7b6f6df3587d66380c1eb6d03c650db366cc2b41c7, en de alinea staat in dat document op bytes 19647 tot 20630.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c73623d2c877ebf969e10e7b6f6df3587d66380c1eb6d03c650db366cc2b41c7 | shasum -a 256