Citaat | Hoge Raad 15 juni 2007

Alinea 45 Hoge Raad 15 juni 2007

Een alinea uit Hoge Raad 15 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA5315.

3.3.2 Het hof heeft in rov. 3.2 vooropgesteld dat [eiser] zich heeft beroepen op (de twee uitzonderingen van) art. 7:629a lid 2 BW. In de parlementaire geschiedenis met betrekking tot deze bepaling zoals weergegeven in de conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal onder 8 wordt ten aanzien van de eerste uitzondering vermeld dat een deskundigenverklaring achterwege kan blijven als de ziekte van de werknemer in de procedure niet door de werkgever wordt betwist. Bij de tweede uitzondering heeft de wetgever in het bijzonder gedacht aan het geval dat de werkgever vóór de procedure de ziekte van de werknemer steeds heeft erkend, maar op dat standpunt hangende het geding terugkomt en aldus de werknemer op het verkeerde been heeft gezet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7ff1efac7d95533e778551c3f14ff53fe00c6eec0ff3c2e3664d21aab589fe02. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7ff1efac7d95533e778551c3f14ff53fe00c6eec0ff3c2e3664d21aab589fe02, en de alinea staat in dat document op bytes 11084 tot 11849.