Citaat | Hoge Raad 30 oktober 2007

Alinea 46 Hoge Raad 30 oktober 2007

Een alinea uit Hoge Raad 30 oktober 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA5665.

De rechter naar wie de onderhavige zaak na cassatie zou worden verwezen teneinde het bestaande beklag - dat zich richt tegen het voortduren van het beslag en mede ertoe strekt dat de inbeslaggenomen voorwerpen worden teruggegeven - opnieuw te behandelen en af te doen, zou derhalve, indien hij tot het oordeel zou komen dat de klager zich in de onderhavige zaak terecht op zijn verschoningsrecht heeft beroepen tot geen ander oordeel kunnen komen dan dat de gegrondheid van het beklag niet tot teruggave van de desbetreffende voorwerpen aan de klager kan leiden omdat die voorwerpen gelet op de beschikking van de Hoge Raad van heden in de zaak met nummer 00104/07 B onder beslag zullen blijven. Bij die stand van zaken heeft de klager er onvoldoende belang bij dat de gegrondheid van het middel over de motivering van de bestreden beschikking tot verwijzing van de zaak zou moeten leiden. En daarom is er ook voor cassatie onvoldoende grond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2b77cb4215226c2737179ac7b8eae9b98e97e0bf83ca8292f7fdb870bd0f5ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2b77cb4215226c2737179ac7b8eae9b98e97e0bf83ca8292f7fdb870bd0f5ff, en de alinea staat in dat document op bytes 24110 tot 25065.