Citaat | Hoge Raad 2 oktober 2007

Alinea 38 Hoge Raad 2 oktober 2007

Een alinea uit Hoge Raad 2 oktober 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA5825.

Anders dan het middel stelt, doet aan het oordeel dat het recht tot strafvordering ten aanzien van de betrokkene is blijven bestaan niet af dat de betrokkene mogelijkerwijs ingevolge art. 2:19, vierde lid, BW in civielrechtelijke zin is opgehouden te bestaan omdat zij op het tijdstip van ontbinding geen baten meer had.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa744067156ef76c490e3493eaa54c1bf43f669435a373d913d0d47250c25301. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa744067156ef76c490e3493eaa54c1bf43f669435a373d913d0d47250c25301, en de alinea staat in dat document op bytes 16731 tot 17065.