Citaat | Hoge Raad 23 oktober 2007
Alinea 44 Hoge Raad 23 oktober 2007
Een alinea uit Hoge Raad 23 oktober 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA5851.
Bij het bovengenoemde bewijsverweer kan worden gedacht aan een betoog waarin een beroep wordt gedaan op niet hoogst onwaarschijnlijke feiten en/of omstandigheden die met de inhoud van de door de rechter gebezigde bewijsmiddelen niet in strijd zijn doch die - indien juist - onverenigbaar zijn met de bewezenverklaring (het Meer en Vaart-verweer, zo genoemd naar de casus van HR 1 februari 1972, NJ 1974, 450). Indien de rechter aan de verwerping van een dergelijk verweer nieuwe, nog niet in de bewijsmiddelen voorkomende feiten of omstandigheden ten grondslag legt waarop de bewezenverklaring steunt, moet immers worden gesproken van feiten en/of omstandigheden die door de rechter redengevend voor de bewezenverklaring worden geacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5848747720d1916d1932471f485d41b6858c96299a081ad45933636c86479383. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5848747720d1916d1932471f485d41b6858c96299a081ad45933636c86479383, en de alinea staat in dat document op bytes 14573 tot 15321.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5848747720d1916d1932471f485d41b6858c96299a081ad45933636c86479383 | shasum -a 256