Citaat | Hoge Raad 13 juli 2007

Alinea 49 Hoge Raad 13 juli 2007

Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7217.

3.2 Excellent vordert, kort gezegd, veroordeling van AXA dekking te verlenen voor de schade die Excellent in verband met het hiervoor in 3.1 onder (iii) bedoelde ongeval heeft vergoed en nog zal moeten vergoeden. De rechtbank heeft die vordering toegewezen, maar het hof heeft het beroep van AXA op de in art. 3.3 van de hiervoor in 3.1 onder (ii) vermelde polisvoorwaarden neergelegde uitsluiting gegrond geoordeeld en de vorderingen daarom afgewezen. Het hof heeft daartoe (in rov. 15) overwogen - na te hebben vooropgesteld (rov. 14) dat het bij de uitleg van een polisvoorwaarde aankomt op de zin die partijen bij de verzekeringsovereenkomst in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan het beding mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten - dat de tekst van art. 3.3 niet eraan in de weg staat Excellent, de formele werkgever van [betrokkene 1], aan te merken als werkgever in de zin van die bepaling, alsmede dat een andere uitleg tot het ongewenste resultaat zou leiden dat de aansprakelijkheid van Excellent als formele werkgever jegens een in haar dienst zijnde uitzendkracht wel gedekt is, maar zij zich aan de aan de verzekering gestelde beperkingen zou kunnen onttrekken door te stellen dat van een werkgeverschap in de zin van de uitsluiting geen sprake is. Daaraan doet niet af, aldus het hof, dat Excellent geen invloed heeft gehad op het ter beschikking stellen van het motorrijtuig aan [betrokkene 1], nu gesteld noch gebleken is dat Excellent [betrokkene 1] het gebruik van de bromfiets heeft verboden. Het hof overwoog voorts dat niet valt in te zien dat de uitsluitingen in de polisvoorwaarden die gelden voor de aansprakelijkheidsverzekering van een materiële werkgever, niet eveneens gelden voor een formele werkgever, hetgeen naar 's hofs oordeel temeer klemt, omdat naar uit literatuur en jurisprudentie blijkt, aan de in het geding zijnde uitsluiting ten grondslag ligt dat het motorrijtuigenrisico voor de AVB-polis een te hoog risico vormt en dat voor dit risico een zelfstandige polis is ontwikkeld (werkmateriaal- of landmateriaalverzekering). Daaraan voegde het hof ten slotte nog toe dat ook geen andere feiten of omstandigheden waren gesteld die de door Excellent voorgestane uitleg rechtvaardigen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0e8f41c2fe4822d5b2498610756b79cc7f002a280a4854a396fc3200db5ff482. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0e8f41c2fe4822d5b2498610756b79cc7f002a280a4854a396fc3200db5ff482, en de alinea staat in dat document op bytes 10699 tot 13014.