Citaat | Hoge Raad 9 november 2007

Alinea 71 Hoge Raad 9 november 2007

Een alinea uit Hoge Raad 9 november 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7557.

4.3 Op het vorenstaande stuiten de rechtsklachten van de onderdelen 1.1, 2.1, 3.1 en 4.1 af. Daarbij verdient nog opmerking dat onderdeel 1.1 feitelijke grondslag mist voor zover het (onder 2) ervan uitgaat dat (het hof heeft aangenomen dat) de werkgever(s) in het onderhavige geval niet de bevoegdheid had(den) om instructies en/of aanwijzingen te geven ter zake van de gedraging(en) waarin de fout was gelegen. Het hof heeft kennelijk, en zonder blijk te geven van een onjuiste rechtsopvatting, aangenomen dat [eiser 2] als (feitelijk) leidinggevende zijn gezag had kunnen aanwenden om de werknemers ervan te weerhouden deze gedragingen te verrichten, ook al werden deze niet verricht in de uitoefening van hun eigenlijke werkzaamheden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f14da401d688afaaef8cd1ec2dd0d8a81e387087029985dfd2a6c57acba688ce. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f14da401d688afaaef8cd1ec2dd0d8a81e387087029985dfd2a6c57acba688ce, en de alinea staat in dat document op bytes 19704 tot 20455.