Citaat | Hoge Raad 22 juni 2007

Alinea 27 Hoge Raad 22 juni 2007

Een alinea uit Hoge Raad 22 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7728.

3.2.5. Het middel slaagt echter voor zover het, in onderdeel 12, strekt ten betoge dat de door het Hof aangenomen opzet van belanghebbendes gemachtigde - anders dan het Hof kennelijk heeft geoordeeld - niet aan belanghebbende dient te worden toegerekend. Naar volgt uit hetgeen de Hoge Raad heeft geoordeeld in zijn arresten van 1 december 2006, nrs. 40369, BNB 2007/151, en 40518, NTFR 2006/1711, heeft voor de toepassing van artikel 67d van de Wet te gelden dat de inspecteur dient te stellen en te bewijzen dat ten aanzien van de belastingplichtige sprake is van opzet en dat hij niet kan volstaan met het stellen en bewijzen van opzet van de adviseur van de belastingplichtige. Nu het Hof niet is nagegaan of zonder de toerekening van de opzet van belanghebbendes gemachtigde bij belanghebbende opzet kan worden aangenomen, is het uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f693f529fde44bbd3765ab19dfc5925e6ce7b9e749a74098a8f1f37706de8613. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f693f529fde44bbd3765ab19dfc5925e6ce7b9e749a74098a8f1f37706de8613, en de alinea staat in dat document op bytes 11229 tot 12120.