Citaat | Hoge Raad 22 juni 2007

Alinea 33 Hoge Raad 22 juni 2007

Een alinea uit Hoge Raad 22 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7728.

In deze zaak is beroep in cassatie ingesteld op 21 april 2005. Op het moment dat de Hoge Raad in deze zaak arrest wijst, zijn mitsdien gerekend vanaf die dag meer dan twee jaren verstreken. Dit levert wat de cassatieprocedure betreft een overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM op. Indien na verwijzing de aan belanghebbende opgelegde boete tot enig bedrag in stand blijft, is het aan het verwijzingshof om - met inachtneming van de totale duur van de berechting - te beoordelen of, en zo ja, in hoeverre aan vorenbedoelde overschrijding gevolg dient te worden verbonden voor de hoogte van de boete.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f693f529fde44bbd3765ab19dfc5925e6ce7b9e749a74098a8f1f37706de8613. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f693f529fde44bbd3765ab19dfc5925e6ce7b9e749a74098a8f1f37706de8613, en de alinea staat in dat document op bytes 15263 tot 15905.