Citaat | Hoge Raad 9 oktober 2007

Alinea 61 Hoge Raad 9 oktober 2007

Een alinea uit Hoge Raad 9 oktober 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7919.

Bij de woning van [medeverdachte 2] hebben we het geld op de grond gelegd en dat tussen ons vieren gedeeld. Ieder kreeg NAF 150 in bankbiljetten. Het losse geld hebben we weggenomen zonder het te verdelen. Toen we klaar waren zag ik dat [verdachte] een polshorloge had en [medeverdachte 3] had een mobiele telefoon bij zich.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/241d25dc19562ca57a004dc21c487817c782cf09f9d2a0e0a3a00807d96633d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 241d25dc19562ca57a004dc21c487817c782cf09f9d2a0e0a3a00807d96633d7, en de alinea staat in dat document op bytes 20810 tot 21147.