Citaat | Hoge Raad 13 juli 2007

Alinea 156 Hoge Raad 13 juli 2007

Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7970.

4.5 Een en ander leidt ertoe dat niet kan worden aanvaard dat, zoals de ondernemingskamer in rov. 3.20 overweegt, van de hiervoor in 4.3 genoemde bevoegdheidsverdeling zou moeten worden afgeweken op grond van de omstandigheid dat het bestuur van ABN AMRO Holding het strategische besluit had genomen om het "stand alone"-scenario te verlaten en een fusie aan te gaan, dan wel anderszins een bod op de aandelen van ABN AMRO Holding uit te lokken. Tot dat besluit was het bestuur (handelend met instemming van de raad van commissarissen) ten volle bevoegd zonder dat het gehouden was de algemene vergadering van aandeelhouders vooraf bij die besluitvorming te betrekken. Ook hier geldt dat het bestuur bij de vervulling van zijn bij wet of statuten opgedragen taken het belang van de vennootschap en de daaraan verbonden onderneming behoort voorop te stellen en de belangen van alle betrokkenen, waaronder die van de aandeelhouders, bij zijn besluitvorming in aanmerking behoort te nemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/43179efdf7661cfdd484ee0862adc1d83f2d3a33f50a3263d06c4d11c2380c6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 43179efdf7661cfdd484ee0862adc1d83f2d3a33f50a3263d06c4d11c2380c6f, en de alinea staat in dat document op bytes 37044 tot 38043.