Citaat | Hoge Raad 19 oktober 2007

Alinea 44 Hoge Raad 19 oktober 2007

Een alinea uit Hoge Raad 19 oktober 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA9616.

Aan de procureur van [verzoekster] is door de griffier van het hof desgevraagd bericht dat het hof akkoord ging met zijn verzoek om uitstel tot uiterlijk 4 juli 2006 teneinde in een aanvullend verzoekschrift de gronden van het beroep voor te dragen. Het gaat hier dus niet, zoals bijvoorbeeld het geval was in de zaak die is beslist in het arrest van de Hoge Raad van 4 oktober 1996, nr. 8793, NJ 1997, 63, om een onjuiste standaardmededeling omtrent de toepasselijke beroepstermijn, maar om een namens het hof gedane toezegging als reactie op een specifiek verzoek. Ook al was de door het hof aan de procureur van [verzoekster] gegunde aanvullende termijn ruimer dan ingevolge de voormelde rechtspraak van de Hoge Raad toelaatbaar is, het stond het hof toch niet vrij van de namens hem gedane toezegging terug te komen, gelet op het daardoor bij de procureur van [verzoekster] gewekte vertrouwen dat gronden voor het beroep die zouden worden ingediend binnen de aan hem gegunde aanvullende beroepstermijn, zouden hebben te gelden als tijdig in het geding naar voren gebracht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f6dc45e4022a1134b8592930e43299d14b44485544a960e2b50820a30913a46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f6dc45e4022a1134b8592930e43299d14b44485544a960e2b50820a30913a46, en de alinea staat in dat document op bytes 13316 tot 14405.