Citaat | Hoge Raad 11 december 2007

Alinea 45 Hoge Raad 11 december 2007

Een alinea uit Hoge Raad 11 december 2007, ECLI:NL:HR:2007:BB3055.

De inleidende dagvaarding is niet aan de verdachte in persoon betekend en verdachte is niet ter terechtzitting in eerste aanleg verschenen. Dan rijst de vraag of zich anderszins een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de dag van die terechtzitting de verdachte tevoren bekend was en derhalve het hoger beroep diende te worden ingesteld binnen veertien dagen nadat zich een dergelijke omstandigheid heeft voorgedaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/605affe45baf68c81b51f3ccf3a4c9aead5f79b7afd877a8824c83bede7ef06e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 605affe45baf68c81b51f3ccf3a4c9aead5f79b7afd877a8824c83bede7ef06e, en de alinea staat in dat document op bytes 13968 tot 14415.