Citaat | Hoge Raad 28 september 2007
Alinea 37 Hoge Raad 28 september 2007
Een alinea uit Hoge Raad 28 september 2007, ECLI:NL:HR:2007:BB3192.
3.5.2 Voor zover het onderdeel wil betogen dat art. 8 EVRM zich verzet tegen de toewijzing van het verzoek de terugkeer van [het kind] te gelasten, faalt het eveneens. Het bepaalde in art. 8 EVRM moet in een geval als het onderhavige, waarin het gaat om een in de zin van art. 3 HKOV ongeoorloofd overbrengen of achterhouden van een kind, worden uitgelegd in het licht van het HKOV (vgl. EHRM 25 januari 2000, NJ 2002, 239, rov. 95), hetgeen betekent dat art. 8 EVRM in beginsel meebrengt dat de autoriteiten van de aangezochte staat het HKOV dienen na te leven. De enkele omstandigheid dat het kind inmiddels geworteld is geraakt in het land waar het zich na de ontvoering bevindt, is dan ook onvoldoende om de terugkeer in strijd te achten met art. 8 EVRM.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dba87fe27faa077c43fb30230b9234aad61e14a0d749dc566aec1b0724ef93f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dba87fe27faa077c43fb30230b9234aad61e14a0d749dc566aec1b0724ef93f0, en de alinea staat in dat document op bytes 12362 tot 13133.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dba87fe27faa077c43fb30230b9234aad61e14a0d749dc566aec1b0724ef93f0 | shasum -a 256