Citaat | Hoge Raad 18 maart 2008
Alinea 583 Hoge Raad 18 maart 2008
Een alinea uit Hoge Raad 18 maart 2008, ECLI:NL:HR:2008:BA1024.
"Een belangrijk probleem is daarom dat, anders dan bij het 'klassieke forensische' onderzoek aan bloed of sperma, in het geval van biologische microsporen, de precieze aard van het celmateriaal vaak niet kan worden vastgesteld. (...) In tegenstelling tot DNA-profielen van klassieke biologische sporen - zoals bloed en sperma - vormen DNA-profielen van niet-gekarakteriseerde biologische microsporen over het algemeen geen direct bewijs. Wel hebben zij mogelijk een indirecte bewijswaarde".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45944cf835232a237d701db4bb648b098d8238770503dcda3305c37502c5af9d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45944cf835232a237d701db4bb648b098d8238770503dcda3305c37502c5af9d, en de alinea staat in dat document op bytes 188897 tot 189400.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/45944cf835232a237d701db4bb648b098d8238770503dcda3305c37502c5af9d | shasum -a 256