Citaat | Hoge Raad 18 maart 2008

Alinea 623 Hoge Raad 18 maart 2008

Een alinea uit Hoge Raad 18 maart 2008, ECLI:NL:HR:2008:BA1024.

U vraagt mij wanneer dit bewuste telefoongesprek heeft plaatsgevonden. Kunnen ze dat niet meer nagaan via de provider? (...) U zegt mij dat ik tijdens een uitzending van 'Talpa' heb gezegd dat [de J.] tijdens onze ontmoeting (Lange Bisschopsstraat te Deventer) op 24/09/99 al tegen mij heeft gezegd dat [het slachtoffer] was overleden. U vraagt mij of dit ook klopt? Dat staat mij ook bij, maar het kan ook telefonisch geweest zijn. Ik kan het niet met zekerheid zeggen omdat ik niet wil liegen. (...) U vraagt mij of ik nog iets wil toevoegen. Dat met die rouwadvertentie zit mij toch niet lekker, want ik weet het niet meer zeker. Ik vind het niet leuk om iets te vertellen wat ik niet meer zeker weet. Ik probeer het mij te herinneren en ik zie ons samen zitten op dat terras terwijl hij mij een briefje geeft en vraagt of "dit kan" als rouwadvertentie. Maar als dat zo is, had ik dit op 8 oktober 1999 al bij de politie moeten vertellen."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45944cf835232a237d701db4bb648b098d8238770503dcda3305c37502c5af9d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45944cf835232a237d701db4bb648b098d8238770503dcda3305c37502c5af9d, en de alinea staat in dat document op bytes 204270 tot 205225.