Citaat | Hoge Raad 29 februari 2008

Alinea 39 Hoge Raad 29 februari 2008

Een alinea uit Hoge Raad 29 februari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC2199.

Het gerecht in eerste aanleg heeft de vordering toegewezen. Het hof heeft het vonnis bekrachtigd. Volgens het hof is ten aanzien van de onder 3.1. genoemde betalingen voldaan aan de vereisten van subrogatie in de zin van art. 6:150, aanhef en onder d, BW. Het hof overwoog daartoe (rov. 5.6) dat CBC wenste dat de schulden betaald werden, dat [verweerster] bereid was die bedragen voor te schieten, en dat daaruit volgt dat de betalingen van [verweerster] aan [betrokkene 1], CBInt en de werknemers voortvloeiden uit een (stilzwijgende) overeenkomst tussen [verweerster] en CBC. Naar het oordeel van het hof (rov. 5.7-5.9) was ten aanzien van achtereenvolgens [betrokkene 1], CBInt en de werknemers sprake van wetenschap als bedoeld in art. 6:150, aanhef en onder d.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/76b5c2fea34028ee0f77f27b1c31539ec13def5e3c482c50c6396d7ad79591bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 76b5c2fea34028ee0f77f27b1c31539ec13def5e3c482c50c6396d7ad79591bd, en de alinea staat in dat document op bytes 9705 tot 10484.