Citaat | Hoge Raad 16 september 2008

Alinea 124 Hoge Raad 16 september 2008

Een alinea uit Hoge Raad 16 september 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC7938.

a. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen in een individueel geval meebrengen dat gedragingen zoals de in art. 3 Opiumwet genoemde handelingen die door de wetgever strafbaar zijn gesteld, niettemin gerechtvaardigd kunnen worden geacht, onder meer indien moet worden aangenomen dat daarbij is gehandeld in noodtoestand, dat wil zeggen - in het algemeen gesproken - dat de pleger van het feit, staande voor de noodzaak te kiezen uit onderling strijdige plichten en belangen, de zwaarstwegende heeft laten prevaleren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a4e55fb29bf48f2473fab94afaec2707d86f1d75c17dbe7ca87168531ea3b32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a4e55fb29bf48f2473fab94afaec2707d86f1d75c17dbe7ca87168531ea3b32, en de alinea staat in dat document op bytes 45190 tot 45715.