Citaat | Hoge Raad 11 april 2008
Alinea 28 Hoge Raad 11 april 2008
Een alinea uit Hoge Raad 11 april 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC9185.
Voor het Hof heeft de Inspecteur betoogd dat zich een bijzondere omstandigheid voordoet welke een andere verdeling van de heffingsbevoegdheid rechtvaardigt als bedoeld in onderdeel 3.4.7 van het verwijzingsarrest. Die bijzondere omstandigheid is, aldus de Inspecteur, hierin gelegen dat aan belanghebbende, toen hij voor drie jaren werd benoemd tot directeur van de Engelse tak van de bank, was toegezegd dat tegen het einde van die periode met hem zou worden gesproken over zijn functie bij terugkeer in de organisatie in Nederland. Die stelling gaat niet op. Zoals in onderdeel 3.4.6 van het verwijzingsarrest is uiteengezet, dient de bevoegdheid tot het belasten van een ontslagvergoeding die slechts in algemene zin verband houdt met de uitoefening van een dienstbetrekking in Nederland en het Verenigd Koninkrijk, in beginsel te worden verdeeld op basis van het arbeidsverleden en wel volgens de richtlijn die is opgenomen in onderdeel 3.4.8 van het verwijzingsarrest. De enkele omstandigheid dat belanghebbende, als hij niet was ontslagen, zijn dienstbetrekking in de toekomst na afloop van zijn uitzending naar het Verenigd Koninkrijk weer in Nederland zou hebben uitgeoefend, vormt geen reden om van dat beginsel en van die richtlijn af te wijken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4232f523b04a47b687f24c2b6793e31656e5117a831e1311f14b886e2a85ab06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4232f523b04a47b687f24c2b6793e31656e5117a831e1311f14b886e2a85ab06, en de alinea staat in dat document op bytes 12999 tot 14268.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4232f523b04a47b687f24c2b6793e31656e5117a831e1311f14b886e2a85ab06 | shasum -a 256