Citaat | Hoge Raad 15 april 2008

Alinea 31 Hoge Raad 15 april 2008

Een alinea uit Hoge Raad 15 april 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC9408.

"Toen ik buiten kwam lag [betrokkene 3] vlak voor de deur bloedend op de grond. Er stonden ongeveer zes of zeven mensen om hem heen. Er zat of lag niemand op hem. Ik ging naast [betrokkene 3] zitten, op mijn knieën op de grond. Het mes lag daar binnen handbereik en in een reflex pakte ik dat op. Er stonden mensen naast mij. Zij deden een stap naar voren en kwamen op mij af. Ik wilde deze mensen van mij af houden en stapte daarom naar achteren. U houdt mij voor dat uit de andere verklaringen in het dossier niet kan worden afgeleid dat er iemand op mij zou zijn komen aflopen en u vraagt mij waarom ik het mes pakte. Ik antwoord u dat de situatie op mij bedreigend overkwam. Er lag iemand bloedend op straat. De mensen erom heen deden een stap naar voren en ik maakte daarom met het mes in de hand bewegingen om ze van mij af te houden. Ik realiseer mij nu dat ik daarmee een groot risico heb genomen. Ik heb met het mes gestoken maar het was niet mijn bedoeling om iemand te doden. U wijst mij er op dat uit de verklaringen van de verschillende getuigen kan worden afgeleid dat zij de situatie anders hebben ervaren dan zoals deze zojuist door mij werd geschetst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1d2deba7b8adb0d79aaa3db0a8be8721dec1c1dad7cebc47b52a41ba1737a874. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1d2deba7b8adb0d79aaa3db0a8be8721dec1c1dad7cebc47b52a41ba1737a874, en de alinea staat in dat document op bytes 11131 tot 12314.