Citaat | Hoge Raad 21 oktober 2008

Alinea 23 Hoge Raad 21 oktober 2008

Een alinea uit Hoge Raad 21 oktober 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD7821.

"In de nacht van 24 op 25 november 2005 werd ik in de Warmoesstraat in Amsterdam aangesproken door een Engelsman. Wij zijn een steeg ingelopen. Er ontstond een vechtpartij, waarbij ook een tweede Engelsman betrokken raakte. Ik ben naar achteren gelopen en ben over een fiets gestruikeld. Ik had die avond een mes bij mij. Toen ik opstond is het mes gevallen en ik heb een stap richting het mes gezet, om het mes te pakken. Één van de Engelse mannen stond op dat moment half achter/naast mij en de ander stond vóór mij. De man achter/naast mij wilde het mes ook pakken. Aan mijn andere zijde was op dat moment het verlengde van de steeg. Ik heb de stap richting het mes gezet, heb het gepakt en heb met het mes om mij heen geslagen. Ik heb met een mes gestoken. Het mes was 25 centimeter lang. Ik heb niet aan de mogelijkheid gedacht, dat ik het mes kon wegschoppen. Ik heb er niet aan gedacht om eerst te dreigen vóór ik toestak."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c6d64c3593e815c713fd40f87f5a91547a65e7e01a63905feb3bcc1b329d086c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c6d64c3593e815c713fd40f87f5a91547a65e7e01a63905feb3bcc1b329d086c, en de alinea staat in dat document op bytes 9797 tot 10746.