Citaat | Hoge Raad 21 november 2008

Alinea 34 Hoge Raad 21 november 2008

Een alinea uit Hoge Raad 21 november 2008, ECLI:NL:HR:2008:BF1032.

Victory en [verweerster 2] beroepen zich op de niet-ontvankelijkheid van [eiser] in zijn cassatieberoep voor zover gericht tegen Victory omdat het oordeel van het hof in rov. 2.10 dat geen grond bestaat voor aansprakelijkheid van Victory in cassatie niet wordt bestreden. Dit betoog faalt. Het hof baseert dat oordeel op overwegingen ten aanzien van [verweerster 2] die door het middel worden bestreden. Nu het cassatieberoep mede strekt tot vernietiging van het bestreden arrest voor zover gewezen ten aanzien van Victory, zou gegrondbevinding van het middel meebrengen dat ook het genoemde oordeel ten aanzien van Victory niet in stand blijft, zonder dat daarvoor bestrijding van dat oordeel door een afzonderlijke klacht nodig is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ad85342116ff418446a4ea722dc749d5e5709dea3c0207615dd86a64d6eb0d67. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ad85342116ff418446a4ea722dc749d5e5709dea3c0207615dd86a64d6eb0d67, en de alinea staat in dat document op bytes 9027 tot 9773.